Hoe een terloopse opmerking tussen pot en pint leidde tot een volledig biermerk. Recept, naam, logo, huisstijl, fotografie, website. Alles door AI. Het enige dat nog moet gebeuren: het bier brouwen.
Het begon met een grap. Of toch niet.
Een paar weken geleden liep ik een oude maat tegen het lijf. Koen. We hebben samen van alles georganiseerd in een vorig leven. Festivals, optredens, talentenjachten. Hij heeft ondertussen een eigen microbrouwerij: ANGARDE, in Kaprijke.
We stonden aan de toog en op een bepaald moment zei hij, half lachend: “Ik zou wel eens een biertje willen brouwen met AI.”
Of het ludiek bedoeld was of niet, dat weet ik eerlijk gezegd niet. Maar bij mij triggerde het iets. Een recept laten ontwikkelen door AI. Van nul. Zou dat lukken?
Diezelfde avond aan de slag.
Ik zat nog diezelfde avond op mijn telefoon. Ik wist wat ik wou: een licht, vlot drinkbaar bier. Geen zware specialty. Een doordrinker. Iets dat je koud uit het flesje drinkt zonder na te denken, maar dat net iets meer heeft dan een standaard pils.
En ik wou er eikels in.
Dat klinkt vreemd, maar ik heb een fascinatie voor eikels die al een paar jaar meegaat. Ooit had ik met een paar vrienden als hobby al eens iets met eikels gedaan. Onder andere een biertje. Dat kreeg verrassend veel bijval, maar daar hield het toen op.
Nu had ik AI. En een brouwer die mee wou.
Ik opende Claude en begon te praten. Welke bierstijl past bij wat ik wil? Kölsch, zei de AI. Vlot als een pils, maar makkelijker te brouwen. Warme gisting, sneller klaar, minder gedoe. En het smaakprofiel leent zich goed voor een subtiel bijzonder ingredient. Dat klonk als precies wat ik zocht.
Binnen het uur had ik een volledig recept. Moutstort, hopping, gistschema, temperaturen, volumes. Alles voor een batch van 100 liter.
Controle door de concurrentie.
Ik vertrouw AI. Maar niet blind. Dus deed ik iets wat alleen in 2026 kan: ik liet het recept controleren door andere AI’s. Ik gaf ze de rol van meesterbrouwer en vroeg om het recept kritisch te evalueren.
Er kwamen een paar kleine aanpassingen. Meer gist dan oorspronkelijk voorgesteld. Een iets andere hopschema. Maar de conclusie was unaniem: dit is brouwbaar. Dit kan werken.
De eikels vinden.
Nu had ik een recept met eikels erin, maar geen eikels. En het was winter. Probeer maar eens verse eikels te vinden in februari.
Weer AI. Ik ging op zoek naar leveranciers van eetbare eikels en kwam via Claude terecht bij steeneikels uit de Spaanse dehesa. Encina. Quercus ilex. Een compleet andere eikel dan wat hier in Vlaamse bossen valt. Geen bitterheid, geen tannines. Zacht, nootachtig, bijna als kastanje. Al duizenden jaren gegeten rond de Middellandse Zee.
Ik vond een leverancier in Córdoba die gespecialiseerd is in eikelproducten. Gepeld, gedroogd, licht geroosterd, tanninevrij, klaar voor gebruik. Ze hadden zelfs ervaring met brouwerijen. Twee zakken besteld. Klaar.
De naam.
De naam had ik al in mijn hoofd nog voor het recept af was: aik. Drie letters. Drie lagen.
AI. Eik. Eikel.
Alles zit erin. De artificiële intelligentie die het recept schreef. De steeneik waarvan de eikels komen. En de eikel zelf, het ingredient. Kort genoeg om op een kroonkurk te passen. Vreemd genoeg om te onthouden.
Dan ging het snel. Heel snel.
Tot hier had ik een recept, een naam, een leverancier en een brouwer. Maar geen merk. Geen visuele identiteit. Geen website. Niets.
Op een middag, tussen twee andere opdrachten door, zei ik tegen Claude: “Denk eens na over een logo en een huisstijl voor aik.”
Wat er toen gebeurde, had ik niet verwacht.
Het eerste resultaat was meteen raak. Een geometrisch wordmark, opgebouwd uit blokken. Elke letter een modulaire eenheid. Geen curves, geen decoratie. Hard, grafisch, eigenzinnig. Ik liet het genereren via Nano Banana, een AI-beeldtool van Google, en wat eruit kwam paste perfect bij de naam en het verhaal.
Ik gaf een paar richtlijnen. “Moet pijn doen aan de ogen” was er één van. De AI koos neon mint en goud als kleuren. Space Mono als font. Een huisstijl die schreeuwt in een bierschap vol bruin en beige.
Ik vroeg om er een brand book van te maken. Een volledig document met logo, kleuren, typografie, tone of voice, beeldrichtlijnen. Het was klaar nog voor mijn koffie op was.
Van brand book naar website in 10 minuten.
Ik liet Claude een volledige website briefing schrijven. Alle teksten, per sectie, letterlijk uitgetikt. Sitestructuur, bestelformulier, FAQ, SEO. Een document waarmee een developer aan de slag kan zonder één vraag te stellen.
Dat document gaf ik aan Replit, een AI-tool die code schrijft. 10 minuten later stond de eerste versie van de site online.
Tien minuten.
Dat was amper twee uur nadat ik terloops had gevraagd om “eens na te denken over een logo”.
De beeldtaal.
Ik liet het een paar uur rusten. Maar ‘s avonds jeukte het weer.
De site stond er, maar de beelden klopten nog niet. Te braaf, te afgelikt, te “craft brewery uit Scandinavië”. Dat paste niet bij een merk dat neon mint en goud als kleuren heeft en een logo dat je ogen doet tranen.
Ik wou iets ruwer. Filmkorrel, hoog contrast, disposable camera esthetiek. Meer zine-cultuur dan lifestyle magazine. Denk Juergen Teller, niet Kinfolk.
Een paar prompts later had ik met Gemini een beeldgenerator gebouwd waar ik alleen maar een onderwerp in moet typen. Het flesje op een betonnen muurtje. Twee handen die klinken tegen een avondlucht. Iemand in een leren jas tegen een betonnen muur. Elke foto die eruit komt, zit in dezelfde visuele familie. Rauw, urbaan, nonchalant.
Om een idee te geven, dit is de master-prompt die achter elke foto zit:
“Raw analog film photograph. High contrast, heavy grain, imperfect exposure. Desaturated with a strong cyan/mint green shift in the shadows and warm amber in the highlights. Urban setting: concrete, metal, industrial surfaces. Brown glass beer bottle, no label. No faces visible. The composition is deliberately off-center and tightly cropped. The aesthetic references 90s zine culture and i-D Magazine photography. Shot on pushed 35mm film or disposable camera.”
Daar plak ik een scène achter en de generator doet de rest. Elke keer opnieuw in dezelfde stijl, met dezelfde sfeer. Consistent, herhaalbaar, en precies wat ik in mijn hoofd had.
Daarna het aik-label erop in nabewerking (ook met AI) en klaar.
Een nachtje slapen. En dan lanceren.
Ik sliep er een nacht over. De volgende ochtend kocht ik een domeinnaam: aik.beer. Ik maakte een Instagram profiel aan en ging nog een keer door de site met Replit om de technische kant waterdicht te maken. SEO, structured data, open graph tags, een llms.txt bestand zodat AI-assistenten het merk kunnen vinden.
Tegen de middag had ik een volledig merk. Website live, social media klaar, brand book af, fotografie gedaan, alle teksten geschreven.
Minder dan 24 uur nadat ik terloops had gevraagd om na te denken over een logo.
Ik dropte de link in een paar WhatsApp groepjes. Binnen het kwartier kwamen de eerste bestellingen binnen. (Merci Manu en Frederik!)
De rekening.
Als ik puur naar het aantal uren kijk, van het allereerste idee voor een recept tot een kant-en-klaar pakket om aan marketing te doen, kom ik niet aan 10 uur.
En de kosten? Op de domeinnaam na (en de abonnementen op de AI-tools, maar die heb ik toch al) quasi nihil.
Wat is er allemaal door AI gemaakt?
Het recept. Volledig. Van stijlkeuze tot ingrediëntverhoudingen, van gistschema tot brouwproces.
Het verhaal. Alle copy, alle teksten, alle beschrijvingen. Van tagline tot FAQ.
Het logo. Geometrisch wordmark, gegenereerd met Nano Banana.
De huisstijl. Kleuren, typografie, tone of voice, do’s en don’ts. Volledig brand book.
De fotografie. Alle beelden gegenereerd met AI op basis van een master-prompt.
De website. Structuur, code, content. Gebouwd door Replit op basis van een AI-briefing.
De ingrediënten. Leverancier van Spaanse steeneikels gevonden via AI.
Een eerlijke kanttekening.
Is dit het niveau van een doorgewinterd branding bureau dat er zes weken en een stevig budget tegenaan gooit? Nee. Waarschijnlijk niet. Een agency had scherpere keuzes gemaakt, meer iteraties gedaan, meer lagen aangebracht.
Maar dat is ook niet het punt. Dit is een ludiek project. Een biertje brouwen met een maat. Geen wereldmerk. En voor wat het is, is het resultaat meer dan goed genoeg. Een werkende website, een herkenbare identiteit, een consistent verhaal. Voor minder dan 100 euro.
Bovendien ging het mij niet echt om het biermerk op zich. Het ging om de oefening. Zelf ondervinden wat er allemaal kan met AI in 2026. Van recept tot merk, van idee tot lancering. Niet erover lezen of erover praten, maar het gewoon doen. En dat is misschien wel de grootste les: de beste manier om te begrijpen wat AI kan, is er iets mee maken.
En nu?
Nu moet het bier nog gebrouwen worden. Klein detail.
Half juni 2026 is batch 01 klaar. Een testbrouwsel. Geen gegarandeerd meesterwerk, wel een eerlijk experiment. Geroosterde steeneikels, AI en een brouwer die weet wat hij doet.
Het punt van dit verhaal is niet dat AI alles kan. Het punt is dat de drempel om iets te maken zo laag is geworden dat een idee aan de toog op dinsdagavond op woensdagmiddag een merk kan zijn. Met alles erop en eraan.
De vraag is niet meer “kan ik dit?” De vraag is “waarom zou ik het niet doen?”
Wil je het resultaat eens zien? Ga naar aik.beer. En mocht je ons projectje willen steunen: je kan pre-orderen. Alle kleine beetjes helpen 😉