Het is 31 december 2025 en ik ben een gelukkig mens. De champagne staat koud, de kroketten zijn heet en ik kijk met een tevreden grijns terug op een jaar dat, op vlak van AI, niet zomaar een stap vooruit was. Het was eerder een lancering van een raket die al een poosje in de schuur stond te wachten op de juiste brandstof.

Toch val ik af en toe nog steil achterover van verbazing. Als je nu, op de drempel van 2026, nog steeds niet met AI aan de slag bent gegaan, dan kan ik er met mijn verstand niet bij. Echt waar. Als je nu nog niet op z’n minst voorzichtig aan het experimenteren bent, wanneer dan wel?

Oké, soms mag je niet. Security, beleid, klantdata: begrijpelijk. Soms kan je echt niet. Maar meestal is het gewoon uitstel met een moreel sausje erover. “Ik ben principieel.” Nee. Je bent gewoon bang dat je er dom gaat uitzien, en dat herken ik. Ik heb dit jaar ook tegen een prompt zitten vloeken alsof het een printer was die zijn eigen handleiding niet begrijpt.

Zit je voor je werk minstens één uur per week achter een computer? Ja? Dan had je de impact al moeten voelen. Weigeren om mee te zijn is niet principieel, het is vrijwillig kiezen voor een handicap. Het doet me denken aan mensen die weigeren een wasmachine te gebruiken en liever met een wasbord naar de rivier trekken omdat de was dan “echter” voelt.

En dan is er Marcel van de boekhouding. Marcel die nog steeds alles manueel in Excel tikt omdat hij “het liever zelf in de hand houdt”. Marcel, ik kijk naar jou. Met dezelfde blik waarmee je naar iemand kijkt die zijn GPS weggooit om “de weg opnieuw te leren kennen”, en dan boos wordt omdat hij weer in Wetteren staat terwijl hij naar Wervik moest.

Laten we de volgende wijsheid anders gewoon op een tegeltje drukken en in de bedrijfskantine hangen: voor zowat elke taak achter een scherm is er nu een assistent die niet zeurt, geen koffiepauze neemt en sneller werkt dan jij je smoes kan bedenken. De harde waarheid is dat AI op zich de mens niet zal vervangen. Maar de mens die met AI werkt, gaat de Marcel zonder enige notie van AI wel genadeloos buitenspel zetten.

En als ik één winnaar moet noemen van 2025, dan is het deze: Google kroonde zich tot absolute monarch.

Vergeet de tijd dat we Google enkel gebruikten om te checken of die uitslag op je been besmettelijk was. De manier waarop Gemini tegenwoordig verweven zit in Workspace is ronduit absurd. Documenten, mail, sheets, meetings; overal zit er plots iemand mee te lezen die niet alleen knikt, maar ook meteen een voorstel doet.

En dan heb ik het nog niet over tovenarij zoals NotebookLM. Je gooit er een berg documenten in en plots doet die berg mee aan het gesprek. Het is alsof je map “Projecten 2017-2023” ineens rechtstaat, zijn keel schraapt en zegt: “Zal ik even samenvatten waar jullie toen ook alweer mee bezig waren?”

Mijn workflow is in 2025 fundamenteel veranderd. Het is niet meer domweg produceren, het is dirigeren. Ik sta op de bok, de AI speelt de noten. Ik ben niet meer de metselaar die elke steen legt, ik ben de architect die ziet hoe het gebouw zichzelf optrekt. Gemini is daarbij de fundering en de motor van mijn dagelijkse productie.

Als ik dat zeg, krijg ik vaak de opmerking: “Ja maar, en ChatGPT dan? En Claude?”

Terecht. Die zijn er ook nog en ze zijn steengoed. ChatGPT is intussen een Zwitsers zakmes met een lade vol extra tools. Claude is vaak de meest verzorgde schrijver aan tafel, met een soort rustige precisie die je soms pas mist als je ze niet hebt. Maar ik gebruik ze anders dan vroeger.

Het is intussen standaardprocedure geworden: ik geef een taak aan Gemini, maar ik gooi dezelfde briefing ook naar de andere twee. Vervolgens laat ik ze bakkeleien. Ik voer de output van de één als kritiek aan de ander. Een virtueel debat in mijn browser, waarbij ik als scheidsrechter de beste argumenten eruit pik. Het houdt ze scherp en het resultaat is bijna altijd beter dan wat één enkel model had kunnen brouwen.

En dan is er nog die vreemde eend in de bijt: Grok.

Misschien wordt het nog te vaak weggezet als dat ding van “Crazy Elon”, met dat typische geurtje van grootheidswaanzin eromheen. Maar wie het negeert, mist één van de opvallendste evoluties van het jaar. Dat kleine Grok-knopje op X is uitgegroeid tot een behoorlijk krachtige tool voor context en snelle controle. Waar traditionele media soms nog hun veters aan het strikken zijn, heeft Grok de context al drie keer doorgekauwd. Niet perfect, zeker niet altijd neutraal, maar als realtime nieuws-analist verrassend bruikbaar.

Wat mogen we in 2026 verwachten?

Alles gaat nog sneller, met nog meer integraties en AI’s die onderling taken verdelen. We staan nog maar aan het begin van de revolutie, maar stilaan wordt het volwassen. We zien eindelijk in welke richting het uitgaat: de grens tussen tekst, beeld en code vervaagt tot er bijna niets meer overblijft dan idee en uitvoering.

Persoonlijk ben ik met CTRL+AI nog steeds zoekende in die nieuwe wereld. En dat is prima. Een deel van mijn opdrachten bestaat tegenwoordig al uit AI-werk en dat is een fijne evolutie. We zien wel waar we stranden, zolang we maar niet stil blijven staan zoals Marcel.

In 2026 wil ik vooral één ding blijven doen: op de bok staan. Niet omdat ik zo graag de baas speel, maar omdat iemand de maat moet aangeven. De tools kunnen steeds meer, maar het blijft aan ons om te kiezen wat muziek is en wat gewoon lawaai.

Mensen die in 2026 eens willen sparren over wat AI voor hen zou kunnen betekenen: laat maar horen. De koffie staat klaar. Marcel mag ook meekomen.